Vele eeuwen vergaderden onze wethouders onder deze dorpsboom.
Hier werd ook recht gesproken, onder de blote hemel en 'bij klimmende
zonne'.
De linde (de lènt)
Ook werd in de schaduw van zijn uitgespreide takken reeds in 1727 de
wekelijkse botermarkt gehouden.
Oorspronkelijk had onze eeuwenoude dorpslinde, naar oudgermaans gebruik,
nog drie verdiepingen.
Hij moet vast meer dan 400 jaar oud zijn vermits reeds rond 1600 er
'Sieke-onder-de-Linde' te vinden werd gelegd onder de toen voorzeker
volwassen linde.
Edward Sneyers sluit niet uit dat de boom geplant werd in 1332 toen Retie
afgescheiden werd van Geel en een zelfstandige heerlijkheid werd.
In 1891 kreeg hij een ijzeren onderschraging en in 1988 werd deze
vervangen door een ondersteuning in padoekhout.
Dat jaar kreeg onze lènt ook een grondige opknapbeurt.
Bij KB van 19 februari 1951 werd hij erkend als landschap, bij KB van 2
juni 1988 als monument.
De Sint-Martinuskerk.
De oude kerk werd in 1871 afgebroken.
De huidige kerk in spitsboogstijl dateert van 1872.
De toren is van vóór 1500.
Tussen de lindeboom en de kerk liep de buurtspoorweg Turnhout-Meerhout.
Rond de kerk lag, ingesloten door een ijzeren hek op blauwe arduin
geplaatst in 1864, het kerkhof met zijn honderden kruisen van 'gewone'
mensen.
De rijken werden in de kerk begraven.
In 1924 werd het kerkhof overgebracht naar de Asberg.
Het grafmonument van Lodewijk De Koninck (Hoogstraten 1899-Retie 1924),
staat links vóór de kerk.
Onderwijzer, inspecteur, dichter De Koninck werd op 1 september 1929
herdacht.
Het monument is een werk van beeldhouwer L. Jacobin uit Borgerhout.
De Koninck woonde in de Sint-Martinusstraat.
In de voorgevel prijkte vroeger een gedenksteen met de woorden: 'Hier
leefde en stierf dichter Lodewijk De Koninck 1899-1924.'
Het H.-Hartbeeld, rechts voor de kerk, werd ingehuldigd tijdens een grootse H.-Harthulde in 1925, toen August Raeymaekers pastoor was.
Het beeld is een werk van ontwerper-beeldhouwer Bruno Gerrits.
H. Hartbeeld
Een publieke waterplaats voor mannen (pisbak, urinoir, pissoir,
pissien, pissijn) bevond zich bij het begin van de trappen die naar de
kerk leidden.
Het was de plaats van de laatste kans vooraleer de lange kerkdiensten bij
te wonen.
Bijna vlak onder de toren en tegenover de lindeboom (op het vroegere
kerkhof) stond het witgekalkte gemeentehuis dat
afgebroken werd in 1898.
Vlak achter dit gemeentehuis, ook op het kerkhof, bevond zich
de school die in 1811 afgebroken werd.
Tussen De Keizer en de lindeboom stond een stenen pomp
die heel fris en aangenaam water gaf.
Midden op de Markt staat nu nog een grotere pomp in arduin.
Op 22 augustus 1914 brandde een deel van de huizen rond
de Markt af, vooral langs de kant van de Peperstraat.
Het was een represaille van Duitse Uhlanen die door Arendonkse gendarmen
beschoten waren van achter het gemeentehuis.
De afgebrande Markt
Het gemeentehuis
Het gemeentehuis
Op de raadszitting van 14 oktober 1896 werd beslist een nieuw gemeentehuis
te bouwen.
De architect was Pierre Langerock uit Leuven; de aannemer was August Leurs
uit Geel.
Het werd in 1898 in gebruik genomen, en achtereenvolgens in 1966, 1992 en
in 2005 vernieuwd en vergroot.
De noordzijde van de markt
Op de grote open ruimte werd destijds de veemarkt gehouden.
Omstreeks 1950 zien we hier al één auto bollen.
De noordzijde van de markt
De oostzijde van de markt
De oostzijde van de markt.
Om hier de weg naar Arendonk en Postel doorgang te kunnen geven, kapte men
eertijds letterlijk een stuk uit de bebouwing.
Dit is nog steeds goed te zien aan het café rechts van de weg.
De weg naar Mol.
Van hieruit vertrekt de weg naar Dessel en Mol.
Vroeger was hier slechts een smal pad dat van Werbeek kwam.
De weg naar Mol liep toen door de Molenstraat.
De weg naar Mol
De zuidzijde van de markt
De zuidzijde van de markt.
Men ziet hier duidelijk dat er een stuk van de Lindenboom gehakt is om
doorgang te verlenen aan de weg naar Mol en de tram.
De westzijde van de markt
in 2006, gezien vanuit de kerktoren.